WAVE

Naar aanleiding van het Mini-Festival 2011

Wave. Een lekker kort en krachtig thema voor het Soul Survivor Mini Festival 2011. De eerste gedachte die bij mij opkwam bij het horen van dat woord, was een voetbalstation vol enthousiaste mensen. Samen de handen in de lucht en juichend voor hun favoriete team.

Handen gaan tijdens dit festival zeker wel de lucht in (al is het dan tijdens de aanbidding), en aan enthousiasme is ook geen gebrek. Dan komt spreker Gor Katchikyan op. Gor is op het eerste gezicht een blije jonge man, die heel vurig en aanstekelijk zijn boodschap kan overbrengen. Wat een energie! Ik ben nog een beetje afwachtend – wordt dit zo'n preek waardoor ik me alleen maar NOG schuldiger ga voelen dat ik me niet 24 uur per dag enorm gepassioneerd voel om het Goede Nieuws te delen met de rest van de wereld? Gelukkig niet.

Als het aan Gor ligt, is enthousiasme alleen niet genoeg. Hij houdt een inspirerend verhaal over de profeet Haggai, die de opdracht kreeg om Gods huis te bouwen, nadat het volk Israel terugkwam uit ballingschap en de tempel was verwoest. Het hele verhaal wordt beschreven in Haggai’s ‘eigen’ boek, tegen het einde van het Oude Testament. Ik kan me zo voorstellen dat Haggai zich vereerd voelde om zo’n belangrijke opdracht te krijgen van God, maar dat het ook een uitdaging was van zulke proporties, dat hij niet wist waar hij eigenlijk moest beginnen.

Soms voelt het leven met God voor mij ook zo: groots en onoverzichtelijk. Ik vraag God vaak of ik door Zijn ogen mag kijken naar de wereld. Zien wat Hij ziet, en voelen wat hij voelt. Maar eigenlijk is dat veel te groot. Er is zoveel leed, zoveel dingen die aangepakt zouden moeten worden. Aan de ene kant klinkt ‘bouwen aan Gods koninkrijk' natuurlijk avontuurlijk en uitdagend. Maar aan de andere kant... waar moet ik dan beginnen?

Volgens Gor begint het allemaal met een offer en een bijl. Niet de eerste dingen die ik had bedacht, maar ik heb inmiddels wel geleerd dat dat bij God wel vaker zo werkt. Een offer dus. Het mag, kan, en zal je vaak ook iets kosten. Overigens blijkt eigenlijk altijd wel dat dat het ook helemaal waard is – tal van verhalen in de Bijbel, maar ook van mensen om me heen, en zelfs van mijzelf, vertellen daarover. En een bijl. Want, net als Haggai, zul je toch eerst hout moeten hakken om dat huis mee te kunnen bouwen. Praktisch en concreet dus. Daar hou ik wel van.

En als je dat verhaal uit het Oude Testament naar nu vertaalt, wat zou mijn bijl dan zijn? Gor noemt het je passie, je enthousiasme, je vuur. Precies die dingen die ik soms zo lastig vind. Maar, het is niet een leeg soort enthousiasme waar hij het over heeft. Niet het soort opzwepende hypegevoel dat je soms in een conferentie heel vastbesloten kan laten zijn dat je nu echt alles anders gaat doen. Nee, het gaat veel dieper dan dat. Het is passie met een richting. Het wordt vaak gezegd, misschien wel omdat het zo ontzettend waar is: het gaat niet om wat er op de conferentie gebeurt, het gaat erom wat je thuis doet met dat wat je meegekregen hebt. De golf van Gods liefde, die we zo graag willen ervaren, houdt niet op bij Soul Survivor, maar stroomt juist vol kracht door, met jou en mij mee, naar school, werk, thuis, de supermarkt, de afhaalchinees, de sportschool...

Passie kan iets heel goeds zijn – als het gevoed wordt door liefde en waarheid. Het kan je helpen om soms net even verder te kijken dan je neus lang is, om net even een stapje verder te doen dan eigenlijk mogelijk leek. En, niet te vergeten, passie kan ook anderen enthousiast maken. Het werkt vaak aanstekelijk. Ik weet nog dat ik als onzeker pubermeisje eens naar een gebedsgroep ging op school. Na veel en lang aandringen van een vriendin. Bidden leek me maar saai. Totdat ik deze mensen zag: hoe zij hun geloof beleefden, hoe zij met God omgingen, dát wilde ik ook wel! Het heeft er uiteindelijk toe geleid dat ik een aantal maanden later mijn leven aan Jezus gaf. Heel bewust, heel weloverwogen, maar de eerste aanzet was gedaan door dat clubje mensen die duidelijk blij waren met wie God was. Dat smaakte naar meer.

“De vreugde van je redding is je kracht”, staat er in de Bijbel. Juist op die momenten dat het moeilijk wordt, dat er tegenslag is (en die komt gegarandeerd), is dat iets om je aan vast te houden.

Maar over die bijl dus. Gor neemt een zijweggetje en vertelt een bizar verhaal over een bijl. Ook uit het Oude Testament. Over een man die het blad van zijn bijl kwijtraakte, doordat hij in het water viel. Hij vertelde dit aan de profeet Elisa, die op de plek waar de bijl was gevallen, een takje in het water gooide, en hupsakee, daar kwam het blad bovendrijven! Die bijl was ontzettend belangrijk voor de man – hij had een gewichtige taak te vervullen, en hij had het waardevolle stuk gereedschap hier hard voor nodig. Dus je kunt je voorstellen hoe gelukkig hij was met dit gekke wonder. (Je kunt het verhaal teruglezen in 2 Koningen 6).

Ik moet toegeven dat ik soms mijn bijl ook kwijt ben. Of misschien 'het bijltje er bij neer wil gooien.' Als ik Gods handen en voeten wil zijn in deze wereld, heb ik daar Zijn gereedschap voor nodig, Zijn kracht, Zijn passie. En als ik dit verhaal goed begrijp, wil Hij me die maar al te graag geven. Niet dat makkelijke ' stadiongevoel', maar een vuur dat diep van binnen zit. Een passie die ervoor zorgt dat ik niet keihard aan het werk ga met alleen maar een steel – mijn eigen kracht – zonder het blad van de bijl. Een enthousiasme dat echt en-theos is: in God.

Volgens Gor mag ik erop vertrouwen dat, als ik erom vraag, God dat vuurtje (weer) wil aanwakkeren in mij. En wat ik vervolgens zie gebeuren – terwijl er overal door de zaal wordt gebeden voor jongeren die dat zelfde verlangen hebben – is dat dat ook echt gebeurt. Ik zie mensen die zich opnieuw toewijden aan God, die besluiten dat het leven met God ze echt iets waard is, die oude – en misschien nieuwe- teleurstellingen aan Zijn voeten leggen en nieuwe moed krijgen om het huis van God, het Koninkrijk van God, samen te gaan bouwen.

En als ik zo op Soul Survivor om me heen kijk, zie ik dat ik niet de enige ben. Hoe meer mensen ik spreek, hoe meer verhalen ik hoor, hoe meer ik ervan overtuigd raak: hier gebeurt iets echts, iets dieps, iets moois. Zoveel achtergronden, zoveel tegenslagen, maar ook zoveel bemoediging en aanmoediging: we staan er niet alleen voor. Dit zou nog wel eens een kleine overstroming kunnen worden.

Suzanne Struiksma


Reageer op dit artikel


Er is 1 reactie geplaatst

#1 Harmen reageerde op 08 December 2011:

Vet goed stukje!
Net als het mini-festival, was ook vet goed.