Spreken in tongen

Een van de gaven van de Geest is ‘tongentaal' (in de Bijbel lees je over 'klanktaal’). Je hebt er vast wel eens van gehoord en misschien spreek je deze taal wel. Wat is het en hoe werkt het? Is het wel van God en is het ook voor mij? In dit artikel geven we hier uitleg over.

De eerste keer dat we klanktaal tegen komen in de Bijbel is in Handelingen 2. Dit is nadat Jezus zijn discipelen de opdracht geeft om te wachten in Jeruzalem, totdat ze worden gedoopt door de Heilige Geest (Handelingen 1:4-5).

Vreemde taal
In het Oude Testament zie je dat de Heilige Geest alleen voor speciale mensen was, (zoals profeten, koningen, de richters en sommige andere leiders). Op het moment dat de discipelen worden gedoopt met de Heilige Geest lees je “allen werden vervuld van de Heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun door de Geest werd ingegeven" (Handelingen 2:1-5). Uit Handelingen kunnen we dus halen dat klanktaal het uitspreken is van een taal ingegeven door de Heilige Geest.

De Korintiërs
In de brief aan de Korintiërs wordt het meest duidelijk beschreven wat klanktaal inhoud. De reden dat dit zo uitvoerig aan bod komt is dat de  gemeente in Korinte zich enorm op de geestelijke gaven focuste en vooral op die van klanktaal. Paulus keurt dit niet af, maar wil wel dat wat er gebeurt ordelijk verloopt. Hij wil dat de gemeente de juiste nadruk op de verschillende gaven legt, ook die van klanktaal.(Korintiërs 12-14)

Feiten op een rijtje…
Als je in klanktaal spreekt, spreek je niet tot mensen, maar alleen tot God. Niemand kan je verstaan, want door toedoen van de Heilige Geest spreek je een onbegrijpelijke taal (Kor. 14:2). Klanktaal, daar heb je zelf iets aan, het is de enige gave waar je zelf door wordt opgebouwd (14:4). Als je in klanktaal spreekt, bid je met je geest zonder dat je verstand hierbij wordt betrokken(14:14). Het is mogelijk dat het vertaald wordt maar dan moet er een persoon zijn die "de gave van vertaling" ervoor krijgt(:13). Daarnaast is klanktaal iets wat jezelf doet; je wordt niet ‘overgenomen’ en je tong gaat ook niet zomaar bewegen. Je leest steeds dat de persoon zelf uitspreekt wat de Geest ingeeft (Handelingen 2:4).

Voor wie is het?
Aan de ene kant is het een teken voor de ongelovige Joden. In de brief aan de Korintiërs (14:21) haalt Paulus Jesaja (28:11) aan: Waarin staat: 'ik zal tot dit volk (Israel) spreken door mensen die vreemde talen spreken, door de mond van vreemdelingen, en zelfs dan zullen ze niet naar mij luisteren- zegt de Heer,' vervolgens geeft Paulus in vers 22 aan dat het dus voor de ongelovige is (dus ongelovige Jood).

Aan de andere kant voor de gelovige (christenen), ter opbouw. Dus voor jou en voor mij. Iedereen kan in potentie in tongentaal spreken, maar het is de Geest die de gave geeft (12:21). Daarnaast worden we uitgedaagd om ons wel uit te strekken naar de gaven, en dus ook die van klanktaal (14:1).

Hoe zit dat in de praktijk?
Paulus zegt in 1 Korintiërs 14:27-28:
“Er mogen twee, hoogstens drie van u in klanktaal spreken, ieder op zijn beurt en bovendien met iemand die de uitleg geeft. Is er niemand die dit kan, dan moeten ze zwijgen en alleen voor zichzelf tot God spreken.”

Als hij het hier over spreken heeft, gaat het om het toespreken van een groep mensen. Op het moment dat je bewust tot een groep in klanktaal spreekt geeft Paulus aan dat er vertaling nodig is. Dit voor de orde. Paulus heeft het hier echter niet over het hardop in klanktaal bidden of spreken waarbij je tot God spreekt.

Paulus zegt zelf:  “Ik dank God dat ik meer dan u allen de gave heb in klanktaal te spreken”, en  onderstreept het belang ervan voor hem in zijn persoonlijke wandel met God.

Het wordt tijd dat wij weer het belang van deze gave gaan inzien. Je ziet vaak dat de doop met de heilige Geest samen gaat met het ontvangen van tongentaal. Ik daag je uit om je uit te strekken naar de gaven van de Heilige Geest, ook die van tongentaal.

Bas

Meer over tongentaal en andere gaven van de Geest hoor je zaterdag 19 december 2009 op de Soul Survivor dag in Rotterdam.

Reageer op dit artikel


Er zijn 4 reacties geplaatst

#4 Elfriede reageerde op 03 May 2010:

In 1 kor. 13:1 staat: 'Al zou ik de talen van mensen en engelen spreken, maar had de liefde niet, dan zou ik klinkend koper of een schallend cimbaal zijn.' (een lelijk, vals geluid dus)
Ik kom dan liever iemand tegen die, zoals in 1 kor. 13 staat, vriendelijk is, niet jaloers, rechtvaardig, geduldig, enz. is, dan iemand die in tongen spreekt (en ik denk God ook)
Dit is in feite de inleiding op 1 kor. 14: Del onderlinge liefde is het aller aller belangrijkste - en helaas - waar vind je dat nog?

#3 Eric reageerde op 01 May 2010:

Klanktaal is een volkomen foute vertaling van het griekse woord glosso welke of tong betekent (ja die in onze mond zit waarzonder we niet kunnen spreken in een normale taal) of taal. In het engels en heel vroeger in het nederlands betekende het woord tong soms ook taal daarom is dit woord wat de geestesgave betreft vertaald met tongues in de engelse king james bijbel. de statenvertaling vertaalt glossa met taal. elke uiting met klanken zich voordoende als taal die geen taal zijn is dus niet uit de Geest.

#2 Bas reageerde op 07 January 2010:

Om dit te beantwoorden is het belangrijk eerst iets dieper op de context, wat de brief zelf is, in te gaan.

Ik zal eerst de omstandigheden van de gemeente omschrijven en vervolgens voortbouwend daarop ingaan op 1 korinthiërs 14:18 en je reactie.

De situatie bij de brief is een conflict tussen de gemeente en Paulus(1 Kor 1:12, 4:3, 9:3). Voor Paulus betekende dit conflict een tweevoudige crisis: enerzijds stond zijn gezag op het spel en anderzijds het evangelie. Het kernpunt in het geschil is dat de Korintiërs zichzelf geestelijk (pneumatikos) vonden maar dit van Paulus in twijfel trokken.

Juist omdat de Korintiërs zich zo geestelijk vonden was het gedeelte over de gaven bij Korintiërs belangrijk om uitgebreid en duidelijk te behandelen voor Paulus.

Klanktaal was een van de gaven die ze belangrijker vonden en ook veelvuldig beoefenden omdat dit geestelijker leek dan de overige gaven(valt o.a. ook op te maken uit 1 kor 14:27). Paulus benadrukt dat geen gaven belangrijker of geestelijker is dan de andere maar daagt de Korintiërs uit zich uit te strekken naar die gaven die de gemeente opbouwen.
Inleidend op het gedeelte waar van dat Paulus zegt, 'ik dank God dat ik meer dan u allen in klanktaal spreek' staat dan ook het volgende:

1 kor 14:12:
'als u zo graag geestelijke gaven bezit, moet u ernaar streven uit te blinken in de opbouw van de gemeente.'

vervolgens laat Paulus zien hoe dit toegepast moet worden in 1 Kor 14:13-19 (waar ook het gedeelte instaat waarin Paulus 'dankt dat hij meer in klanktaal spreekt'). Hij begint dan ook met 'Daarom' (:13), Er zou ook begonnen kunnen worden in vers 13 met 'omdat u ernaar moet streven uit te blinken in de opbouw van de gemeente moet iemand die in klanktaal spreekt...' etc.

Waarom spreekt Paulus er in dit gedeelte vervolgens over dat hij meer de gave heeft om in klanktaal te spreken?
Paulus wil hier enerzijds mee laten zien dat klanktaal positief is, dat hij het zelf veel spreekt en dat hoewel hij de gemeente aanmoedigt zich juist naar de gaven te streven die niet alleen henzelf maar heel de gemeente opbouwt (1 kor 14:1, 1 kor 14:12).
Anderzijds laat het zien dat, in tegenstelling tot plaatselijke andere Godsdiensten, ze niet de controle over hun geest verliezen en in een trance komen maar dat het een gave van God is die ze zelf wel of niet kunnen gebruiken daarnaast dat het spreken in klanktaal hem niet geestelijker maakt, maar dat het God is die het hem geeft en heeft gegeven (in tegenstelling tot de Korintiërs die zich het als een teken van geestelijkheid zagen)

1 kor 14:18-19
'Ik dank God dat ik meer dan u allen de gave heb in klanktaal te spreken; maar om in de gemeente anderen te onderwijzen, gebruik ik liever een paar begrijpelijke woorden dan ontelbaar veel in klanktaal'.

Paulus zegt dat hij zelf voor kan kiezen of hij wel of niet in klanktaal spreekt (ik gebruik liever een paar begrijpelijke woorden dan ontelbaar veel in klanktaal). Het is God die de gave geeft, maar de mens die het zelf moet uitspreken; in tegenstelling tot veel andere godsdienstige plekken en profeten in de omgeving die de controle over hun geest verloren. Je ziet dat Paulus hier ook op in gaan, het controle hebben over de eigen geest, in 1 kor 14:32-33.

Net zoals Paulus aangeeft zelf controle over zijn geest te hebben geloof ik dat wij dat ook hebben. Daarnaast kunnen wij de Heilige geest inderdaad niet afdwingen maar is het wel iets dat je zelf moet uitspreken en waar je zelf als persoon in moet uitstappen of naar steven zoals Paulus zelf zegt in 1 kor 14:1.
Net als dat Petrus toen hij door Jezus werd uitgedaagd om op het water te stappen zelf uit de boot moest stappen (Matteus 14:22), geloof ik dat wij zelf ook de controle hebben om het tegen te houden of erin uit te stappen, nadat de Geest de gave natuurlijk eerst schenkt. Het is niet afdwingen, zeker niet en daar geef ik je helemaal gelijk in, het is wel zelf uitstappen en de ruimte geven, het is streven naar de gave.

#1 Ernst reageerde op 20 December 2009:

Denk hier even over na:

Paulus zegt in 1 korinthiërs 14: 18 Ik dank God dat ik meer dan u allen de gave heb in klanktaal te spreken; 19 maar om in de gemeente anderen te onderwijzen, gebruik ik liever een paar begrijpelijke woorden dan ontelbaar veel in klanktaal.

Waarom spreekt Paulus over dat hij meer de gave heeft om in klanktaal te spreken? Veel mensen die ik hier over hoor kunnen klanktaal bij wijzen van spreken continue. Mijn vraag is dan, is het dan wel spreken in tongen waar de Bijbel over spreekt of is het jezelf in een 'bepaalde' toestand brengen waarvan je denkt dat het zoiets is. Punt is dat het de Heilige Geest is die het doet, dat kun je dus niet afdwingen.