Handelingen | Bijbel in één jaar

Door Hadassa Stehouwer

‘Wat de boer niet kent, dat vreet hij niet.’ Een bekend, oud spreekwoord, waar ik mezelf erg in herken. Niet alleen op het gebied van eten (al hou ik ook echt niet van nieuw eten proberen), maar ook op andere gebieden. Ik hou niet van verandering. Nieuwe school, nieuwe opleiding, nieuwe vrienden. Kunnen dingen niet gewoon blijven zoals ze zijn? Ze zijn toch goed zo?

In het boek Handelingen komen we een heel aantal veranderingen tegen. Het boek maakt een verbinding tussen de evangeliën, die vertellen over het leven van Jezus, en de brieven, waarin we lezen over de situatie van de eerste kerken. Daartussen veranderde er een heleboel. Maar gelukkig lezen we dat in Handelingen!

In het eerste hoofdstuk lezen we over hoe Jezus zijn discipelen nog een laatste opdracht geeft, waarna Hij van hen weggaat en teruggaat naar de Vader. De discipelen blijven achter in Jeruzalem. Onzeker. Wat gaat er nu gebeuren? Waarom moest Jezus weggaan? Kon Hij niet gewoon blijven? Wat moesten ze doen met de belofte en de opdracht die Hij hen nog had meegegeven?

Als we dan verder lezen, zien we deze situatie veranderen. De belofte, die aan de discipelen gegeven werd, wordt vervuld. De Heilige Geest wordt over hen uitgestort, waardoor ze compleet veranderen. Ze doen wat Jezus hen als opdracht had meegegeven en kunnen hun mond niet meer houden over Jezus. Ze worden vervolgd, gevangen genomen en zelfs gemarteld. Toch waren ze niet bang! Hun leven veranderde en stond volledig op de kop.

In hoofdstuk 10 lees je nog een keer over een grote verandering. Hier laat God in een visioen aan Petrus zien dat het evangelie niet alleen geldt voor de joden, maar ook voor de niet-joden: de heidenen. De kerk bestond dus eerst uit joden (zoals je in de eerste hoofdstukken kunt lezen), maar daar komt nu langzaam verandering in.

Je leest over Filippus die het evangelie brengt bij de Samaritanen (zij werden gezien als half-joden). Daarna lees je over de Ethiopiër en over de Romeinse soldaat Cornelius: zij waren heidenen! Toch geeft God de opdracht om ook hén het evangelie te verkondigen. Petrus weet eerst absoluut niet wat hij met die verandering moet, maar doet wat hem gevraagd wordt.

Maar de grootste verandering hebben we nog gemist. Ken je het verhaal van Saulus?

Je moet moeite doen om iemand te vinden die een grotere verandering heeft doorgemaakt dan deze jongeman. Hij veranderde van een vervolger en moordenaar van christenen in een gedreven apostel die over de hele wereld verkondigde dat Jezus de Zoon van God is (9:20). Dit is vergelijkbaar met een voormalig lid van IS dat paus wordt!

Lees meer op www.bijbeljaar.nl/gemist [dag 163]

In hoofdstuk 9 zie je dat niet alleen zijn naam verandert – van Saulus naar Paulus -, maar zijn hele leven.

Al deze veranderingen hadden een enorm effect! Als mijn leven zo op zijn kop zou staan… Het zal niet makkelijk zijn geweest. Eerder onwennig, spannend en eng. Toch gingen ze door in de veranderde situaties en als veranderde mensen. Terugkijkend, zal waarschijnlijk niemand meer de oude situatie willen hebben. De veranderingen zijn onmisbaar geworden! En het mooie is, ze waren daarin niet alleen. God was daar en liet ze de weg zien. Hij stond altijd boven de veranderingen en was van dichtbij betrokken. Hoe onwennig, eng of spannend ook: God was erbij.

Zo is dat ook bij ons! God is erbij, in alles. Hoe onwennig, eng of spannend iets ook is. In de leuke veranderingen én in de moeilijke veranderingen. In de grote én de kleine. Hij helpt ons in nieuwe situaties, met nieuwe vriendschappen, als we op nieuwe plaatsen zijn. En ik hoop dat als je later terugkijkt op jouw veranderingen, dat je Gods aanwezigheid daarin mag zien en dat je mag ontdekken wat het allemaal teweeg heeft gebracht. Dan is verandering achteraf gezien misschien toch niet zo heel erg!

P.S. Verderop in de brieven lees je nog meer over het effect van deze veranderingen. Dus als je nog een zomerleestip zocht, de volgende boeken die je tegenkomt bij Bijbeljaar zijn de brieven!