Richteren | Bijbel in één jaar

Door Emmie Overbeek

Ook Richteren (of Rechters) is uit. We zijn aangekomen in het beloofde land! Na een heleboel wetten en opdrachten heeft Jozua ervoor gezorgd dat het beloofde land in handen is van het volk. Hoera! De stukken land zijn verdeeld over de stammen en nu is het tijd om te gaan settlen. Leuk huisje, plantjes in de tuin, ik zie het al voor me. Eind goed, al goed, toch? Niets blijkt minder waar.

Onder de leiding van Jozua ging het goed. Toen hij stierf, nam zijn familie het nog een poosje over. Toen ook dat voorbij was, verliet het volk God opnieuw en dienden ze de Baäls, de afgoden. Zouden ze dan niet snappen wie God is? God was, om het zacht uit te drukken, best een beetje teleurgesteld in het volk en liet dat aan ze merken. Pas op het moment dat het volk het naar God uitriep, schoot God te hulp en stuurde een richter, een bevrijder voor het volk. En dat niet één keer, maar wel twaalf keer!

Het lijkt er in ieder geval wel op dat ze het echt niet begrepen. Gideon, één van de richters, werd gezien als een man van God. Zijn vertrouwen op God was zo groot dat hij zelfs wel met 300 man de strijd aandurfde. Hij wist dat God te vertrouwen was en liet het volk zien wie God is. Kijk maar:

  1. God is een Helper

In het begin van hoofdstuk 6, daar waar Gideon aan de beurt is om voor God aan de slag te gaan, gaat het volk opnieuw de mist in.

Maar de Israëlieten deden wat slecht is in de ogen van de Heer. Daarom leverde Hij hen uit aan het volk van Midjan, dat hen zeven jaar achtereen kwam plunderen.

Lees meer op www.bijbeljaar.nl/gemist – dag 127 

Door de plundering van Midjan werd het volk steeds armer. Toen riep het volk tot God om hulp en God stuurde Gideon, die zei: ‘Dit zegt de Heer, de God van Israël: ‘Ik ben jullie God, die jullie uit Egypte heeft geleid, ik heb jullie verlost uit de slavernij.’ God helpt het volk, keer op keer.

  1. God wil bij je zijn

In vers 12 verschijnt er een engel aan Gideon en zijn zoon, die stiekem tarwe aan het dorsen zijn. De engel zegt: ‘De Heer zij met je, dappere krijgsman.’ Maar Gideon twijfelt en zegt: ‘Hoe zou ik Israël kunnen bevrijden. Onze familie heeft in de stam, Manasse, niets in te brengen en ik ben ook nog de jongste van de familie!’ Maar God antwoordt hem: ‘Ik zal met u zijn.’

  1. God is sterk

Dus zelfs als jij de jongste thuis bent, of het idee hebt dat je niets hebt in te brengen, wil God bij je zijn. Misschien ben je wel klein zoals David, of voel je je soms betekenisloos in je klas of bij je sportclub, God heeft allang gezien wat voor potentie jij hebt. God is sterk waar wij zwak zijn. Net als bij Gideon!

  1. God is in control

Als we een klein stukje fastforwarden in het verhaal, dan zien we dat God een heel duidelijk plan heeft voor Gideon. Vanaf vers 25 geeft Hij Gideon een super gedetailleerde opdracht:

Diezelfde nacht zei de HEER tegen Gideon: ‘Neem de stier van je vader, dat prachtbeest dat nu al zeven jaar gespaard is. Sloop het altaar dat je vader voor Baäl heeft opgericht en hak de Asjerapaal die ernaast staat om. Bouw voor de HEER, je God, een altaar op het hoogste punt van het ommuurde terrein, zoals het hoort. Maak met het hout van de omgehakte Asjerapaal een vuur om de stier te offeren.’

Lees meer op www.bijbeljaar.nl/gemist – dag 127 

Zoveel details wil ik ook wel van mijn docenten, of tijdens mijn colleges, dan weet je tenminste precies wat je moet doen! God weet overduidelijk precies wat Hij van Gideon verwacht, Hij heeft het pad al uitgezet en is in control.

  1. God is te vertrouwen

De Midjanieten omsingelden het volk opnieuw. Als ik Gideon was geweest, was ik intussen waarschijnlijk een beetje zenuwachtig aan het worden. Gideon niet! Hij ontving ‘de Geest van de Heer’ en blies direct op de hoorn om aan de slag te gaan en een leger te verzamelen. Daar heb je wel vertrouwen voor nodig!

  1. God is geduldig

Toch sloeg ook bij Gideon even de twijfel toe. Hij vroeg God of het wel echt de bedoeling was dat Israël zou worden bevrijd door zijn toedoen. Hij verzon een manier om dat van God te horen en legde een wollen vacht op de dorsvloer. Hij vroeg of de wol nat mocht zijn de volgende ochtend, maar de vloer droog.

God beantwoordde dat gebed, maar Gideon was nog niet overtuigd en vroeg aan God of het dan de nacht erna precies andersom mocht zijn. En ja hoor, de volgende ochtend was de wol droog, maar de vloer nat! Gideon was overtuigd, maar belangrijker nog: God was geduldig!

  1. God is het waard om geëerd te worden

Toen Gideon zijn leger had verzameld, zei God tegen hem dat z’n leger veel te groot was. God wilde de eer van de winst niet bij het leger leggen, maar juist bij de kracht die God had. Iedereen die bang was, mocht Gideon naar huis sturen. Zelfs toen was het leger nog te groot! Met een aantal van 300 man bleef Gideon over. En in plaats van dat hij bang werd en zich terugtrok, dankte hij God voor een overwinning die hij nog niet had behaald.

Ik ben wel een beetje die twijfelende Gideon, die soms een extra bevestiging nodig heeft. En misschien ben ik ook wel een beetje het volk van God. Maar de volgende keer dat ik iets fout doe, mag ik ook weten dat God mijn Heer is en dat Hij de God is die volken uit de slavernij bevrijdt. En als ik dan nog steeds twijfel, dan is God geduldig. Ons ‘eind goed, al goed’ ligt in Gods beloften. Dan mogen we nog lang en gelukkig leven in het beloofde land wat voor ons wordt voorbereid: het paradijs.